Teun en Annette

en hun doldwaze belevenissen

Month: March 2011

Brasil, lalalalalalalalaaaa!

Aangekomen in Puerto Iguazu (Argentinie) kunnen we niet wachten om naar de watervallen te gaan. Ons hotel ligt echter in Foz do Iguacu (Brazilie). Op zich een stukje planning waar vakkundig over is nagedacht, doch eerdere ervaringen bij grensovergangen zorgen ervoor dat we ditmaal graag wat meer geld betalen aan de taxichauffeur die ons belooft met 150km/u de Argentijnse en Braziliaanse grensovergang over te brengen. En zo gezegd zo gedaan, in een razend tempo komen we bij ons hotel aan. Het is warm, we lunchen en slaan snel een bescheiden voorraad water in, waarna we met de bus naar de Cataratas do Iguacu gaan. Vanaf de Braziliaanse kant heb je een groots uitzicht op de watervallen. We maken een wandeling waarbij we langzaam afdalen naar beneden en kunnen daar via verschillende platforms “over” de rivier lopen. We worden zeiknat, maar dat draagt alleen maar bij aan onze pret!

De volgende dag gaan we de Argentijnse kant van de watervallen bekijken. Dit deel van het park is veel groter, of in ieder geval, als toerist kun je in een groter deel van het park komen. Tot onze grote hilariteit komen we een oude bekende uit Uyuni tegen. We maken verschillende wandelingen door het park en vallen van de ene aaaaah en ooooohh, in de andere. Supermooi, (we blijken dus niet alleen van bevroren water te houden (zie Perito Moreno) ;)) en kunnen er geen genoeg van krijgen. Tegen sluitingstijd verlaten we het park. ‘s Avonds eten we in de beste rodizio van de stad, een voor een komen er mannen met staken vlees langs waar ze stukjes voor ons van af snijden. Heerlijk!

De volgende dag vliegen we naar Rio de Janeiro (uitspraak in het kort ‘Hiiioooo’). Ons hotel ligt in de wijk Copacabana, vlak aan het strand en vlak bij de (nog) hippere wijk Ipanema. Rio is duuur! Maar onze lol niet minder, zeker niet na een paar Caipirinha´s. Wat een stad! Uiteraard bezoeken we de Crristo Redentor, het grote Christusbeeld vanwaar we van het schitterende uitzicht over de stad genieten. Wandelen langs de stranden, bezoeken de botanische tuinen, eten heerlijk en dobberen in het zwembad.

Na drie nachten Rio is het weer tijd voor wat anders, we huren een auto en rijden het binnenland in, naar de staat Minas Gerais en haar hoofdstad Belo Horizonte. De Brazilianen rijden als gekken! We dachten wat Zuid Amerikaanse rijervaring opgedaan te hebben in Argentinie, maar dit is totaal anders.. De tango is tenslotte ook niet vergelijkbaar met de samba :s. Als we de eerste avond bij onze pousada aankomen zijn we blij deze rit overleefd te hebben. De volgende dagen rijden we iedere paar dagen naar een andere pousada als uitvalsbasis en verkennen we met ons autootje de omgeving. Helaas is het weer een aantal dagen nogal regenachtig wat het rijden af en toe nog gevaarlijker maakt, laat staan parkeren op een helling waar het water afsuist als een kolkende rivier. We komen in de koloniale stadjes Tiradentes, Congonhas, Ouro Preto en Mariana. De een nog mooier dan de ander, de een nog rijker dan de ander, de een nog meer kerken dan de ander. En in de een nog meer sterrenrestaurants dan de ander. Tiradentes heeft er maar liefst 5! En dat voor een stadje met minder dan 10.000 inwoners. Uiteraard testen we er eentje, heerlijk gegeten, en vooral het dessert ‘kaasijs met caramelfudge en flinters parmezaan’ laten we ons verrassend goed smaken. Niet alleen de stadjes zijn kleurrijk, ook hun verleden. In het ene stadje werden de bedenkers van de onafhankelijkheid van Portugal opgepakt, in de andere onthoofd en gevierendeeld en in weer een ander werd het hoofd dan weer tentoongesteld. En dan hebben we het nog niet over de slavernij gehad. Hier kon je een slaaf ruilen voor een kip (en kreeg je geld toe, euhh, voor je kip natuurlijk) en daar was een plantage of een mijn waar slaven hadden gewerkt. We bezoeken een goudmijn en een topaasmijn. Een indrukwekkende manier om wat “cultuur” aan je reis toe te voegen (voorzover we niet al genoeg cultuur geconsumeerd hebben). Gelukkig houdt de aanwezigheid van Carnaval en alles wat daarbij hoort de boel lekker luchtig!

Na een week autorijden is het tijd om naar Belo Horizonte te rijden, het autootje in te leveren en naar Sao Paulo te vliegen. Een grote stad met maar liefst 19 miljoen inwoners, vanuit het hoogste gebouw van de stad ‘Edificio Italia’ hebben we een schitterend uitzicht, het is helder zonnig weer vandaag en de skyline is zo ver als we kunnen kijken gevuld met wolkenkrabbers en nog meer wolkenkrabbers. We lunchen heerlijk uitgebreid in de zon en genieten er nog even flink van. Morgen om deze tijd vertrekt onze vlucht terug naar huis en zit onze geweldige reis er weer op..

Due South

Donderdag 17 februari, vrijdag 18 februari, zaterdag 19 februari, zondag 20 februari, maandag 21 februari

Torres del Paine –> Ushuaia

Vanuit Puerto Natales rijden we in een paar uurtjes naar het Torres del Paine NP. Bij de ingang worden we opgehaald door een minibusje dat ons naar onze refugio gaat brengen. Daar aangekomen beginnen we meteen met een leuke wandeling. De meest indrukwekkende wandeling maken we op de tweede dag; het is, in tegenstelling tot onze verwachtingen, erg warm hier in Zuid-Chili, dus we zorgen ervoor dat we voldoende water bij ons hebben. Want, hoewel de Chilenen allemaal een orde- en schoonmaakfetisj lijken te hebben, gaat het drinken van water uit meren en riviertjes ons, en onze door Boliviaanse bacterien geteisterde magen, net iets te ver. De klim naar de mirador (uitzichtpunt) die we willen bezoeken belooft 5 uur te gaan duren. Ondanks de straffe wind die van alle kanten tegelijkertijd lijkt te komen, zijn we al vrij snel bij het Campamento waar we gepland hadden te pauzeren. Pas vlak voor het eindpunt moeten we even gas terugnemen omdat we steil omhoog gaan over een pad dat we eigenlijk geen pad zouden willen noemen, stenen, gruis, losliggende grote keien, we beklimmen het bovenste rotsachtige stuk van een berg. Boven aangekomen is het uitzicht op de Torres del Paine adembenemend. We zoeken een vlakke kei uit waar we languit op gaan liggen om van het uitzicht te genieten. We nemen wat foto´s en vervolgen dezelfde weg terug naar onze refugio.

Na de volgende dag nog wat rondgewandeld te hebben, nemen we de bus terug naar Puerto Natales, waarvandaan de volgende dag de bus naar Punta Arenas vertrekt. Punta Arenas is eigenlijk de meest zuidelijk gelegen fatsoenlijke stad in Chili, zo’n 48 uur rijden vanaf de hoofdstad Santiago, dat ongeveer in het midden van Chili ligt. Overal een takkeneind vandaan dus, maar we vermaken er ons best, ondanks het feit dat op zondag alles, maar dan ook alles, hier gesloten is.

Vanuit hier vertrekken we verder naar het zuiden, namelijk naar de meest zuidelijke stad ter wereld: Ushuaia, dat weer in Argentinie ligt. Als je denkt dat dat niet zo heel ver is, omdat we in Punta Arenas al bijna van de aardkloot afvallen en het land er hier uitziet als door God en iedereen verlaten (of is er misschien nooit iemand geweest?) dan heb je het mis, we rijden nog zo’n 12 uur, inclusief grenspassage, waar Teun nog een mooie stempel op de pagina ‘kinderen’ in z’n paspoort krijgt, voordat we in Ushuaia aankomen.

Dinsdag 22 februari, woensdag 23 februari, donderdag 24 februari

Ushuaia – de naam klinkt niet echt als de rest van Argentinie en dat is omdat er hier op Vuurland honderdvijftig jaar geleden nog gewoon een gezonde hoeveelheid inheemse bevolking leefde. Zo langzamerhand kunnen we voorspellen hoe dat gegaan is: er kwamen witte mensen die het land koloniseerden en de inheemse bevolking ging ten onder aan slavernij en/of nieuwe ziektes. Ja hoor! Ook hier was dat het geval, maar de naam Ushuaia is toch blijven hangen. De meest zuidelijke stad ter wereld dus. Behalve het bordje ‘fin del mundo’ is het hier ook een handige opstapplaats voor mensen die vanaf hier de Zuidpool met een bezoekje gaan vereren (want, zuidelijkste stad ter wereld). Ten slotte ligt het ‘gewoon’ aan de rand van een nationaal park dus voldoende mooie natuur in de buurt. De toeristen in Ushuaia zijn ook hier weer een internationaal en gemeleerd gezelschap, maar de lokale middenstand heeft goed in de gaten dat Engels spreken hier handig is en dat doen ze dus ook. Ook treffen we een paar posters aan die de lokale bevolking er op wijzen dat ze aardig moeten zijn tegen toeristen. Leuk!

De activiteiten die we hier doen (behalve op de foto gaan met het bordje ‘La Quiaca 439537 km’) zijn naar het National Park gaan en een boottochtje over het Beagle kanaal. Het National Park is een interessant verhaal; Ushuaia was honderd jaar geleden een strafkolonie, waar de gedetineerden een soort vrijwillige slavenarbeid deden. Ze konden in de gevangenis blijven rotten, maar ook, als ze braaf waren, erop uit, de wildernis in, om daar grondstoffen te mijnen en een spoorweg aan te leggen, dit alles natuurlijk onder supervisie van boos kijkende bewakers met geweren. (Ontsnappen was mogelijk, maar zinloos en dus vaak van korte termijn.)

Het Beagle kanaal heet zo omdat Darwin er met zijn Beagle doorheen vaarde en hier het een en ander heeft opgepikt om zijn evolutietheorie verder vorm te geven. En ja, ook hier zien we interessante vogel- en zeeleeuwachtigen.

Dan de vlucht naar Buenos Aires. BA voelt een beetje als thuiskomen. Als we op het vliegveld landen voelen we een zweem van herkenning, maar het is toch echt alweer drie weken geleden dat we er de vorige keer waren. We krijgen een betere kamer in hetzelfde hotel en ‘s avonds gaan we naar San Telmo, een beetje de Pijp van BA met leuke terrasjes en alleen lokalio’s, waar we het restaurant bezoeken wat volgens Tripadvisor op dat moment het beste van de stad is. Het stelt niet teleur!

De volgende dag lopen we opnieuw door San Telmo, ook bij dag is het een mooi stukje stad, voordat we afreizen naar de busterminal voor onze laatste grote nachtbusreis. In onze naiviteit willen we een uur voor vertrek van de bus een taxi nemen – maar daar zitten de taxichauffeurs niet op te wachten. Het is blijkbaar spitsuur! Gelukkig rijdt er een niet extreem volle metro en komen we ruim op tijd aan op Retiro station. In de bus blijken we de beste plekken te hebben – bovenin en helemaal voorin, zonder mensen voor ons, met vol zicht op de weg en land voor ons. De reis naar Puerto Iguazu gaat 16 uur duren maar met de goede bediening + eten houden we het prima vol. 🙂 Brazilie here we come!

Buenos Aires en ´de rest van Argentinie´

Woensdag 9 februari, donderdag 10, vrijdag 11, zaterdag 12

We vliegen in twee uurtjes naar de hoofdstad Buenos Aires, wat zowaar nog warmer blijkt te zijn dan Salta. We komen aan op Aeroparque, het kleine vliegveld van BA waar de binnenlandse vluchten landen. Het is er spitsuur als we landen, wat betekent dat het nogal lang duurt voor de bagage van de band af rolt en dat het vervolgens een goed uurtje wachten is op een taxi de stad in. De imposante, gigantische stad raast aan ons voorbij en we klappen op bed in ons hotel dat aan de Avenida de Mayo ligt, op steenworp afstand van de Avenida 9 de Julio, volgens sommige tellingen de breedste straat ter wereld. We hebben met een paar mensen die we op onze Salartour ontmoetten een nogal onduidelijke afspraak om samen te gaan eten in La Cabrera. We zijn erg moe en weten niet of er daadwerkelijk mensen gaan komen, maar besluiten toch te gaan, de verhalen over het restaurant (van een echte Porteño) zijn namelijk onweerstaanbaar. Zo blijkt het ook te gaan. Bij aankomst straat er een enorme groep mensen buiten te wachten om naar binnen te mogen – niemand die wij kennen. Het is inmiddels 21 uur en we besluiten om ons op de lijst te laten zetten. Niet veel later wordt het eerste glas champagne in onze handen gedrukt, wat het wachten enorm veraangenaamt, tot ons tafeltje om 23:00 uur vrijkomt. We doen onze bestelling en vervolgens verschijnt er zeker een halve kilo vlees per persoon op tafel, voorzien van allemaal garnituren waar je alleen van kunt dromen. Verrukkelijk!

De dagen in Buenos Aires vullen zich, naast met het goede eten, met wandelingen door de stad, door de verschillende wijken, drankjes op terrasjes, een museumbezoek, het Plaza de Mayo en een bezoek aan het wellnesscenter van ons hotel. (Vraag ons hier later eens over voor wat hilariteit.) Ook besluiten we een dagje Uruguay aan te doen, met de boot ben je in een uurtje aan de overkant van de Rio de la Plata. Goed voor nieuwe stempels in ons paspoort en een adempauze in de hectiek van de grote stad.

Zondag 13 februari

Onze tocht naar het zuiden begint! Patagonie, here we come! We vliegen naar El Calafate, een plaatje in de uitgestrekte middle of nowhere, dat leeft bij de gratie van toeristen die de Perito Moreno gletsjer bezoeken. Niettemin verblijven we er in een fijn hotel aan het Lago Argentino. Hier blijken ook zowaar supergoede restaurants te vinden, daarnaast is een belangrijk kenmerk de voormalige landingsbaan die zich in de nieuwbouwwijk van het dorp bevindt, en tegenwoordig dienst doet als baan om te testen hoe hard je auto kan rijden. Ons hotel is ver van het centrum en de route gaat over deze landingsbaan; de taxichauffeurs maken er dan ook dankbaar gebruik van.

Maandag 14 februari

s Ochtends lijkt het eerst nog prutweer als we opstaan. We stappen met een twintigtal andere mensen in een forse bus. We gaan richting het Parque Nacional Los Glaciares… gletsjers kijken dus. Of eigenlijk eeentje: de Perito Moreno. De ijsformaties die we onderweg zien drijven, maken al veel goed. Wanneer we de Perito Moreno bereiken, stopt het met regenen en later op de dag breekt zelfs de zon door! Wat een machtig gezicht: een enorme ijsmassa varierend in de kleuren sneeuwwit tot helblauw. Dit kun je niet met woorden omschrijven, maar moet je eigenlijk zelf een keer gaan zien. De gletsjer is niet alleen een feestje voor onze ogen, maar zeker ook voor onze oren: het krakende ijs dat zich langzamerhand voortbeweegt en waar als gevolg daarvan zo af en toe een brokje danwel een enorme ijsschots vanaf breekt en met een ruisend geluid meters naar beneden valt, het water raakt met een knal door de waterspiegel breekt en vervolgens weer boven komt drijven, dat geluid kun je amper omschrijven en dat moet je echt zelf een keer gaan horen.

Dinsdag 15 februari

We waren gisteren zo onder de indruk dat we vandaag besluiten om ook de andere gletsjers in de buurt met een bezoekje te gaan vereren, met een boot welteverstaan. Niet geheel ongevaarlijk, als je bedenkt dat je onderweg nogal wat ijsschotsen tegenkomt en dat slechts 15% van de ijsschots zich boven het wateroppervlak bevindt. Ook dit keer zijn de gletsjers prachtig!

s Avonds eten we in de derde vestiging van Casimiro Bigua. Dit moeten we even uitleggen want we houden natuurlijk niet van twee keer op dezelfde plek eten, en dat doen we nu ook niet. Op de eerste avond in Calafate hebben we gegeten bij een ´fine dining´ restaurant genaamt CB. We hadden daar het menu degustacion genomen, vijf gangen met vijf verschillende wijnen. Dit was zo goed gemaakt en geserveerd dat we besloten om de volgende dag naar hun tweede restaurant te gaan; een Italiaan. Ook daar een heerlijk stukje pizza gegeten. Nu de derde dag gaan we naar hun laatste restaurant, het vleeshuis, waar de koeien en schapen boven het vuur uitgespannen staan. Een heerlijk stuk vlees en we kletsen met de mensen naast ons, een Brits stel van 60 dat in Nederland heeft gewoond.

Sowieso zijn de mensen die we hier tegenkomen van een compleet ander kaliber dan de mensen die we in Peru en Bolivia tegenkwamen. Dat waren voornamelijk jonge mensen, twintigers die op een lange reis zijn; die mensen zijn hier op een hand te tellen. Dit is het gebied waar oude mensen een paar weken naartoe komen om van de natuur te genieten. Dat maakt de sfeer hier anders. Als natuurliefhebbers voelen we ons in ieder geval ook hier goed op onze plaats!

Woensdag 16 februari

Vandaag op weg naar Chili! Het land waar we het kortste verblijf gaan hebben, of liever het kortste verblijf dat ook een overnachting behelst. Voor mijn gevoel is Chili eigenlijk onderdeel van Argentinie. Het is een lange slurf land dat best de westkust van Argentinie zou kunnen zijn. Ze delen ook Patagonie, Tierra del Fuego en goede wijn dus ik ben zeer benieuwd wat er eigenlijk anders is. We nemen afscheid van ons hotel met schitterend uitzicht op het Lago Argentino en reizen naar de busterminal, vanwaar stipt om half negen onze bus vertrekt. Rond twaalven zien we dan de grens! Zoals de hele grens tussen Argentinie en Chili (per definitie, echt: http://en.wikipedia.org/wiki/Boundary_treaty_of_1881_between_Chile_and_Argentina#Treaty ) ligt ook deze in een bergpas met aan weerszijden een grensovergang. Ook in dit Argentijnse grenshuisje zijn maar twee mensen aan het werk. Het duurt dus een uurtje voordat de hele bus volgestempeld is. We maken ons hart vast, want Chili staat bekend om ferme controles. We zien hier ook meteen een bord waar nog een keer staat dat je boetes krijgt als je fruit probeert mee te nemen. Van eerdere reisgenoot Ross haden we al gehoord dat ze dit ook echt doen, braaf hebben we dus al ons eten en drinken achtergelaten. De grensovergang gaat echter verrassend soepel. Ja, onze bagage gaat door een scanner, maar al met al gaat dit niet langzamer dan anders. Het zal wel alleen bij de noordelijke grenzen moeilijk zijn! Daarna komen we vrij snel aan in Puerto Natales, een havenstadje, en verblijven in een klein familiehotelletje. We lunchen in een echte gringo hangout en lopen door het compacte stadje, doen wat boodschappen voor de volgende dagen, eten s avonds bij het beste restaurant van de stad ceviche, struisvogel en centollasalade, en gaan dan lekker naar bed!

© 2020 Teun en Annette

Theme by Anders NorenUp ↑